Tuindagboek (II)

21 juli 2021

Ik zit op het bankje in de boomgaard en neem de schade van een week op. Duifkruid heeft haar kleur verloren. Een volledige peulenplant hangt geel in het rek. Het gras heeft kale plekken. Precies op de plek waar ik mijn hangmat wil ophangen, zweven mugjes met lange poten. Het zijn geen hooiwagens en ook geen gewone steekmuggen. Ik weet niet wat het zijn. Als ik in de wolk ga staan, verplaatst de wolk zich. Ik had zoveel zin om naar de tuin te gaan, maar nu voel ik mij op de een of andere manier niet welkom.

Alsof ik de tuin betrap op haar werkelijke leven zodra ik het tuinpad oploop. Haar leven buiten mij. Het sluit niet aan bij het Disneyplaatje dat ik er soms in mijn hoofd van maak. Alleen de mooie dingen blijven dan hangen. Bloeiende bloemen hier, glimmende rijpe groentes daar. Maar afhankelijk van dag, uur, wind, licht en geluiden is de tuin. Zelfstandig en onder invloed en altijd veranderend is de tuin. Misschien wied ik daarom wel onkruid. Gewoon, om mee te blijven doen, te laten zien dat ik er ben. Want echt storend vind ik het niet. Het bloeit vaak mooi en er zijn hier geen tuinschouwingen. Als ik iets wil zaaien, kan ik altijd nog ruimte maken.

Want dat is wat ik kan doen: dingen weghalen. Omdat ik een hand-georiënteerd zoogdier ben dat een schepje vast kan houden, kan ik wroeten, trekken, maaien. Water geven in droge periodes kan ik ook. Maar elk uur, elke dag, elke week dat ik weg ben, kruipt er leven uit alle hoeken. Ik kan dat leven een beetje regisseren, specifieke plantjes aanmoedigen: “Hier heb je een handje compost, groei maar! En daarna pakken we je vruchten af, gooien we je op de composthoop – of pakken eerst nog snel je zaden mee en gooien je dan op de composthoop.”

Dat groenten vaak in de knop gebroken bloemen en struiken zijn, ontdekte ik voor het eerst toen Alexis een krop sla niet oogste. Een prachtige plant van een halve meter hoog is het geworden. Stengels met kraalvormige opbouw en gele bloemetjes, wiegend in de wind. Een woeste eilandstruik. Sla.

Sowieso is moestuinieren een slachtpartij. Veel van de zaailingen die in april trappelend in mijn vensterbank stonden, hebben de selectie voor de volle grond niet gehaald. Of stierven van schrik tijdens de transitie. Daarom zaai ik het liefst rechtstreeks, maar ook dan moet ik soms uitdunnen. Bij de verste braamstruik aan het hek, ligt mijn kerkhof van in de knop gebroken babygroente. Het is een wrede hobby, maar dat zie je niet terug op de websites vol lachende jongens en meisjes met hun stappenplannen.

Bij gebrek aan een foto van doorgeschoten sla, een foto van de gele bloemetjes van doorgeschoten broccoli (31 augustus). Bijen zijn er gek op.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s